Afvalkoers - de nieuwe hype?
Door Menno | Donderdag 18 juni 2026 | Crisis
Attractieve en goed vermarktbare topsport; goed te vangen in highlight reels en sensationele filmpjes. Dat is het streven van de ISU, de internationale schaatsbond. Een proefballonnetje dat voor dat streven wordt opgelaten is het concept van de afvalkoers. Elke ronde (of om de ronde) valt de schaatser die als laatste over de streep komt af. Diegene die als laatste over blijft, is de winnaar.
De ISU overweegt om de afvalkoers in plaats van de massastart op de kalender te zetten. De massastart is sinds 2011-2012 onderdeel van de wereldbeker. Met 3 Olympische Spelen met het onderdeel ('18, '22,' 26) is het goed en wel ingeburgerd in het langebaanschaatsen. In vergelijking met de massastart garandeert een afvalkoers meer spanning en sensatie. Bij een afvalkoers moet er de hele wedstrijd tempo gemaakt worden, omdat ook de positie onderweg belangrijk is, in tegenstelling tot bij een massastartwedstrijd. De kritiek op de massastart die vaak gegeven wordt, is dat het een optocht is naar de finish. Daar zou de afvalkoers zeker verandering in brengen.
Vanuit de profs klinkt er tegengeluid tegen de afvalkoersplannen. Zie bijvoorbeeld deze flash-interviews van wat bekenden uit het marathoncircuit, geïnterviewd door de Barre Beukers. Vooral vanuit de immer conservatieve Jillert Anema (coach Albert-Heijn Zaanlander) is er een duidelijk "nee". De tegenargumenten vallen in twee categorieën: een fundamenteel bezwaar tegen een verandering van wat langebaan schaatsen is; en de observatie dat de afvalkoers qua veiligheid risicovoller zou zijn dan alle andere langebaanonderdelen.
Persoonlijk ben ik van mening dat zowel traditioneel "tijdrijden" en "spelvormen" beide een plek hebben binnen de schaatssport. Dat gezegd hebbend, zou ik het wel zonde vinden als een spelvorm ten koste zou gaan van de "traditionelere" tijdritdisciplines. Maar dat is vooralsnog niet het geval.
Het tweede argument - veiligheid - is wat mij betreft een sterker argument tegen het invoeren van de afvalkoers. Ik heb zelf nooit zo'n wedstrijd op het ijs gereden, maar uitsluitend op de racefiets. Dat kan ik alleen maar omschrijven als wurmen, dringen en ploeteren. Omdat niemand echt zin heeft om op kop te rijden - dat is niet zinvol - blijft het peloton breed en wordt er continu van achter naar voren gereden, om dan vooraan te parkeren. Het format zal zorgen voor meer contact, ijzers die elkaar raken en valpartijen.
Zelf schaar ik me achter de woorden van Marijke Groenewoud. Volgens mij hoeft er niks aan de massastart te veranderen. Echter, als er een afvalkoers op de kalender staat, sta ik waarschijnlijk wel aan de start.